Crowdmanagement en eventcontrol

Het meest verontrustende Facebook-berichtje uit 2011 was van een vriend die postte dat ‘er een tent was ingestort, maar dat hij en zijn vriendin in orde waren’, met een plaatje van wat vermoedelijk rennende benen waren. Pukkelpop 2011. Ik was het eigenlijk weer een beetje vergeten, maar werd er op Event 12 in de Jaarbeurs Utrecht weer vol overgave aan herinnerd. Event 12 is een jaarlijkse beurs voor organisaties en bedrijven die zich bezig houden met het organiseren van evenementen; er waren dus vooral veel luxe cateraars, vergaderlocaties-aanbieders en stoelverhuurders. Voor mij waren uiteraard de aanwezige beveiligingsbedrijven interessant en de workshop ‘beïnvloeders van tevredenheid van bezoekers’.

Het weer

Als factor in criminaliteit is het weer een onderschatte factor: als het regent gaan ook inbrekers minder graag op pad, als het warm is, laten mensen vaker hun achterdeur of raampjes op een kier staan, en in de sneeuw zijn voetstappen van een wegsluipende overvaller opeens een stuk zichtbaarder dan normaal. Het weer is ook van invloed op veiligheid bij evenementen, maar je kunt het niet beïnvloeden, alleen op anticiperen. De mondiale temperatuurstijging en het warmere klimaat veroorzaken steeds extremer weer. Wat we de afgelopen jaren gezien hebben (storm in januari, snikhete week in maart, en vervolgens weer je winterdekbed op moeten leggen) is ons toekomstbeeld, zo vertelt Jitske Roos van Meteovista. Eigenlijk zou het festival seizoen naar voren geschoven moeten worden, want mooi weer is in augustus allang geen garantie meer. Aanvankelijk ben ik sceptisch. Natuurlijk zegt deze mevrouw tegen de evenementen-organisatoren in de zaal dat ze de professionele expertise van Meteovista moeten inkopen. Voor een bedrag van minimaal 400 Euro heb je een ‘standaard weerbewaking’; ze loggen dan alle communicatie en je krijgt een seintje als er iets staat te gebeuren qua neerslag, storm, onweer, bliksem, hittegolf. Het is dan aan de organisatie om hier van te voren al verschillende maatregelen en noodplannen voor klaar te hebben liggen en ze geven advies; cancellen of eerder laten eindigen bijvoorbeeld. Voor dat geld kunnen ze geen bui omleiden en had ook het Pukkelpopdrama, waarbij door een plotselinge hevige onweersbui een tent instortte waar mensen onder stonden te schuilen voor de regen, hagel en onweer; 5 mensen kwamen te overlijden, niet voorkomen kunnen worden. Volgens de experts sloeg het weerbeeld namelijk om binnen 15 minuten, dat gebeurt eens per 1000 jaar. Meteovista had hier dus ook niks aan aan kunnen doen. Ik ben nog steeds een beetje sceptisch, maar wel overtuigd wel het belang van ‘weer’ als relevante factor.

Publieksveiligheid

Crowdsafety, in het Nederlands publieksveiligheid, is een nieuw toverwoord in de event-business en het paradepaardje van Mari van Dorst van het KCEV. Maar, het managen van mensenmassa’s is niet alleen relevant voor festivals en andere grootschalige evenementen, maar ook op een Centraal Station of in de Bijenkorf (en niet alleen tijdens de Dwaze Dagen). Crowdmanagement gaat namelijk om het veilig verzamelen en verplaatsen van mensen. Crowdcontrol betreft het bijsturen van een mensenmassa; hier is wel een aanleiding voor nodig. Drie onderwerpen zijn relevant bij publieksmanagement: beveiliging, veiligheid en de veiligheidsbeleving. Als mensen zich al veilig voelen, scheelt dat enorm in hun gedrag. Maar er is altijd een deel van het publiek dat er voor kiest de onveilige situatie op te zoeken: door dicht bij het podium te gaan staan of zich in de ‘pit’ bij een concert te mengen. Als je te veel zichtbare maatregelen treft, heeft dat het psychologische effect op mensen dat zij zich juist zorgen gaan maken. Toch is het wel nodig. Veel organisatoren denken nog steeds ‘ach, vorig jaar was het mooi weer, nu vast ook’, of ‘mijn festival verloopt altijd probleemloos’. Dat dachten Roskilde, DanceValley en de Love Parade ook tot 2000 (negen jongeren worden doodgedrukt bij een Pearl Jam concert), 2001 (plotselinge regenbui en gebrek aan beschutting en vervoer zorgen ervoor dat honderden bezoekers onderkoeld raken) en 2010 (21 mensen overlijden door ‘verstikking veroorzaakt door samendrukking van de borstkas’, ruim 500 raken gewond). Met name die laatste, de Love Parade, heeft ervoor gezorgd dat de publieksveiligheid, logistiek en infrastructuur hoger op de prioriteitenlijst staan van organisatoren. Een veiligheidsincident komt door stand door de volgende kenmerken: – knelpunten in de infrastructuur (doorstroming, looproutes, entree) of faciliteiten (bar, wc), – vluchtgedrag (schrikken, er is dreiging, of men denkt dat er dreiging is), – competitieve drang (als eerste bij de bar, de Alpha-tent of het Noord-podium willen zijn), – ongeval, – te hoge publieksdichtheid: 4 per M² is veilig (denk verdrukking door vloeibare massa) Managen is beter dan begraven Nou was het Pukkelpopdrama niet te voorkomen, maar er zijn wel een heleboel dingen die je kunt doen om mensenmassa’s te managen. Door je evenementenlocatie op een bepaalde manier in te richten bijvoorbeeld en een goede infrastructuur te hebben. Mensen kiezen graag de kortste route , maar als je vertragingen of versmallingen in je aanloopweg hebt, kan dat problemen opleveren. Denk aan ‘bottlenecks’ in wegen en routes (zoals het tunneltje in Duisburg bij de Love Parade). Time-based crowd management: je kan je evenement gefaseerd laten eindigen. Door niet iedereen op dezelfde tijd te laten komen en dezelfde tijd te laten vertrekken (door ergens nog een bar open te houden, bijvoorbeeld) voorkom je boze klanten bij wanhopige garderobe-meisjes. Veel gemeentes hanteren al een wisselend sluitingstijden-beleid om te voorkomen dat alle kroegen tegelijkertijd uitlopen. Hoe regel je de communicatie naar de menigte toe: een staande menigte heeft maar beperkt zicht en krijgt slechts een deel van informatie mee. Borden en tekstkarren zijn hiervoor een oplossing. Je moet de groep ook een direct alternatief aanbieden (zodat ze niet de tijd krijgen om zelf na te denken, vul ik in). Bij elk evenement hoort een een veiligheidsplan, zoals in de handreiking in deze link te zien is komt er nog heel wat bij kijken. Hierin dienen alle factoren en bijbehorende maatregelen te worden vastgelegd. Zaken als afspraken met facilitaire leveranciers, noodhulp zoals brandweer, politie en ambulance, beveiliging, vergunningen, logistiek (van bezoekers, maar ook intern), communicatie, horeca, crisisscenario’s etc. Want het bezoeken van een evenement of festival moet natuurlijk vooral leuk zijn, en geen gezondheidsrisico te vormen waar een speciale aanvullende verzekering voor moet worden afgesloten.

Opvallend is dat de meeste slachtoffers bij een evenement niet sterven of gewond raken door de calamiteit (noodweer, ongeval, vechtpartij) op zich, maar door wat volgt op een calamiteit. Namelijk het vluchten van een menigte, of nog erger, het niet kunnen vluchten van een menigte.

Denk daar maar eens over na, voordat je iemand opzij duwt omdat je zo nodig erlangs moet, en vooraan bij een bomvol concert wilt staan.

door Therese Klok

Deze blog verscheen eerder op www.therighttrace.nl. The Right Trace is een advies- en onderzoeksstudio, voor vraagstukken op het gebied van veiligheid, criminaliteit en (anti)sociale gedragingen.

Creatief Kanteljaar 2012

Nieuw festival Dance Capital bracht verschillende dansstijlen samen

‘Crisis en Creativiteit’ kopte het laatste hoofdredactioneel commentaar in het NRC Handelsblad van 2011. We weten niet hoe de financiële recessie zich ontwikkelt. De vrijheid en vrijgevochtenheid waar Nederland bekend om staat, staat voor een enorme creatieve kracht. In tijden van tegenslag lijken nou juist de creativiteit en ondernemerszin een nieuwe impuls te krijgen. Cultuurmakers zijn – net als ondernemers – altijd in staat om wegen te vinden voor vernieuwing, kansen te benutten en samenwerkingen te smeden. De Rotterdamse festivalsector is krachtig. Met  welk vertrouwen en op welke manier dragen we de komende jaren de artistieke, culturele, maatschappelijke en sociale waarden uit?

Bezuinigingen
De landelijke overheid bezuinigt mijns inziens al te rigoureus op kunst en cultuur. Ook op de festivals. De gemeente Rotterdam heeft aangekondigd de bezuinigingsopgave op een genuanceerdere manier door te voeren. Vanuit de optiek dat kunst en cultuur een ontegenzeggelijke en cruciale bijdrage leveren aan de culturele, economische en sociale ontwikkeling van Rotterdam. De financiële randvoorwaarden voor de komende jaren zullen eind 2012 op tafel liggen. We kunnen niet anders dan erop hopen dat de Rotterdamse politiek evenwichtige keuzes maakt. Samen met de festivalsector zal Rotterdam Festivals duidelijk blijven maken voor welke waarden de festivals staan. Dat is wat ons te doen staat tijdens dit kanteljaar.

Waarde van de Rotterdamse festivals
Het belang van festivals voor de stad staat buiten kijf. De Rotterdamse festivals zijn een belangrijke pijler van de stedelijke culturele infrastructuur en de stadsmarketing. Vorig jaar meldde Rotterdam Festivals al dat de economische spin-off van de festivals in deze stad jaarlijks 190 miljoen euro is tegenover een omzet van de festivals van ruim 37 miljoen. De mate van de tevredenheid van de bezoekers over de festivals is al jaren lang hoog. En ook niet onbelangrijk: de bezoekersaantallen van de festivals liegen er nog steeds niet om.

Benut zelf de kantelkansen…
dichtregel op Nieuwe BinnenwegToch lukt het de plannenmakers niet altijd om de inhoud en de noodzaak van de festivals voldoende overtuigend over te brengen en hun waarde ten gelde te maken. Festivals missen daarmee de juiste kwalificatie voor andere partners: particuliere fondsen en sponsoren. Hoe vertaal je de waarden die de festivals hebben naar samenwerkingspartners, medefinanciers, medeorganisatoren. Kortom: hoe creëer je vanuit de kracht van het festivals strategische en duurzame coalities? En hoe breng je je verhaal goed over? Arjo Klamer e.a. schreven een leuk en interessant boekje met allerhande tips en aanbevelingen voor het creëren van nieuwe partnerships. Pak aan heet het. De oplossing ligt in de handen van de organisatoren. Maar als steun in de rug biedt Rotterdam Festivals dit boekje graag aan aan iedere geïnteresseerde professional.

… en spreek ook  Rotterdam Festivals aan
Naast de kennisuitwisselingsactiviteiten en individuele adviezen die Rotterdam Festivals biedt, kunnen organisatoren een beroep op ons doen om samenwerkingen in de stad tot stand te brengen tussen de (culturele) instellingen onderling, Rotterdamse ondernemers en gemeente. Ook dit jaar zullen we kennisbijeenkomsten organiseren en proberen we invulling te geven aan bijzondere verzoeken van individuele organisatoren. Wij zijn er op aan te spreken dat wij vervolg geven aan vragen uit de festivalsector.

Op een creatief en kansrijk kanteljaar dan maar!

© Reinier Weers

Extending my margins

 

Maandag 5 december 2011, 16.45u
Op het moment dat de meeste Nederlandse families zich afwachtend rond de schoorsteen scharen van wat de goedheiligman hen brengt, staan elf cultuurprofessionals op het station van Rotterdam. Wachtend op de trein richting Gent waar zich de dagen die volgen meer cultuurprofessionals uit verschillende landen verzamelen voor het congres New Technologies for New Audiences. Niet voor niets verkiezen deze professionals Gent boven de goedheiligman: het programma ziet er veelbelovend uit.

Internationale kennisuitwisseling
Het congres is onderdeel van het internationale kennisuitwisselingsprogramma over publieksontwikkeling Extending the margins. Een uitwisseling voor en door cultuurmanagers en culturele beleidsmakers, met focus op maatschappelijk kwetsbare groepen. In een tijdsspanne van anderhalf jaar organiseren zes verschillende landen een internationaal congres en Gent is de vierde in deze reeks. In april volgt er nog een congres in Spanje, Barcelona en Nederland sluit de reeks af met het laatste congres in mei in Rotterdam. Samen met het Nederlands Uitburo organiseert Rotterdam Festivals dit laatste congres. Het is om die reden altijd goed met eigen ogen te zien hoe een ander een dergelijk congres organiseert.

App als nieuwe technologie
Bij de titel New Technologies for New Audiences ging mijn eerste gedachte uit naar applicaties. In oktober schreef mijn collega Eva een blog over de ontwikkeling van verschillende apps in de culturele sector en specifiek de Uit App waarmee je het volledige culturele aanbod in tien steden kunt bekijken. Daarnaast liet Rotterdam Festivals een applicatie voor Facebook ontwikkelen ter promotie van 24 uur cultuur onder een jonge doelgroep. Ik was benieuwd wat er nog te leren viel op dit gebied!
Uiteraard kwamen er verschillende apps voorbij gedurende het congres. De Dialectenapp van Man over Woord viel me op. Het is toch altijd handig een zin te kunnen vertalen naar een Vlaams dialect zodat je bijvoorbeeld je pintje in het Gents dialect kunt bestellen! Maar ook de app van Björk is indrukwekkend om te zien. Een mooi ontworpen applicatie die voor extra inkomsten kan zorgen voor Björk en als inspiratie kan dienen voor andere musici. Maar de applicaties besloegen slechts een klein onderdeel in het programma.

UiTid: tips op basis van persoonlijke voorkeuren
Het gaat te ver om het hele programma hier door te nemen en daarom licht ik het programmaonderdeel uit dat me het meest interesseerde. Een interessante nieuwe ontwikkeling van onze zuiderburen is de UiTid: een online cultureel profiel dat je de wegwijst door de vele vrijetijdsactiviteiten op basis van persoonlijke voorkeuren. Deze ontwikkeling staat nog in de kinderschoenen, maar is naar mijn mening veelbelovend en goed om te blijven volgen. De uitdaging zit hem in het gidsen van het publiek op basis van de persoonlijke voorkeuren, maar zo nu en dan aan de rand van de voorkeuren te adviseren om zo tot prikkelende tips te komen die de persoon in kwestie wellicht nog niet zelf had bedacht.

Belgisch bier
Het programma gaf volop inspiratie, maar de kennisuitwisseling kwam echt goed tot zijn recht tijdens het avondprogramma. Onder het genot van Belgische biertjes en een uitgebreide kaasplank werd op een informele manier kennis gedeeld met de andere aanwezigen. Kennis uitwisselen binnen de landsgrenzen kan heel goed, maar kennis delen met cultuurprofessionals uit andere landen geeft veel inspiratie voor je eigen werk.

Editie in Rotterdam
Inmiddels zijn we een ruime week verder, maar lijkt Gent al weer ver weg. Het congres in Rotterdam is over vijf maanden, maar komt al snel dichtbij. De voorbereidingen zijn in gang. Het congres in Gent heeft genoeg inspiratie geboden voor het programma, maar ook voor praktische aangelegenheden.
Dus alle cultuurprofessionals raad ik aan 29 en 30 mei alvast te blokkeren in de agenda, want ook dat belooft een mooie editie te worden!

Eelke Bosman

Risicomanagement versus risico uitsluiting

Met de beide benen op de grond.
“Met beide benen op de grond”, zo betitelde Jack van Gelder op Radio 1 de status van het Nederlands elftal na de 3-0 nederlaag tegen Duitsland op 15 november in Hamburg. Opvallend hierbij was, dat de anders zo enthousiaste, Van Gelder de opmerking niet bracht als een negatieve kwalificatie, maar meer als een gezonde reality check. Het is een goed elftal, maar dat betekent niet dat ze meteen iedereen van de mat spelen. Sterker, ze kunnen gewoon verliezen.

FBI naar Olympische Spelen
Ik moest bij de opmerking van Van Gelder denken aan een artikel dat ook op 15 november in het AD/Rotterdams Dagblad stond “Verenigde Staten sturen 500 FBI’ers naar Londen”. Het artikel vertelt over de Amerikaanse overheid die grote zorgen heeft over de veiligheid van de Olympische Spelen in Londen en daarom 1000 agenten, waaronder 500 special agents van de FBI, naar het evenement stuurt. Deze extra beveiliging komt nog eens bovenop de 21.000 beveiligers die de organisatie zegt nodig te hebben.

De Britse overheid en organisator van de Olympische Spelen zijn not amused. Een illustrerend citaat van het Britse ministerie van Binnenlandse Zaken geeft aan waar de pijn zit. “Wij zijn geen gelijkwaardige partners in het overleg met de Amerikanen. Ze zijn uitermate veeleisend. De Verenigde Staten is antirisico, met een hoofdletter A en onderstreept. Ze willen overal bovenop zitten en houden niet van halve maatregelen”.

Risicomanagement versus risico uitsluiting
Er is hier een duidelijk verschil van mening over hoe om te gaan met veiligheid en risico’s bij evenementen. Waar de Britse overheid er voor kiest om risico’s in te schatten en deze goed te managen, kiest de Amerikaanse overheid voor totale risico-uitsluiting.

Gelukkig zijn de maatregelen in Nederland lang niet zo extreem als in de Verenigde Staten. Maar ook hier laait de discussie tussen risicomanagement en risico-uitsluiting regelmatig op. Een kwestie van: ‘Zijn de gestelde veiligheidsmaatregelen niet te zwaar?’ versus ‘Zijn de gestelde veiligheidsmaatregelen wel zwaar genoeg?’.

Eigenlijk zou men zich een andere vraag moeten stellen; ‘In hoeverre kun je een evenement organiseren, waarbij je de veiligheid zoveel mogelijk waarborgt, maar tegelijkertijd accepteert dat er bepaalde risico’s zijn (en blijven)?’

Dit is een vraag die ook in Rotterdam gesteld wordt. Maar dan voor ieder evenement afzonderlijk. Er kan simpelweg geen dictaat opgelegd worden, waarin veiligheidseisen blind worden opgelegd, zonder oog te hebben voor het karakter en inhoud van het evenement of daarbij de bezoekers, locatie, datum, tijdstip en overige programmering in de stad in het oog te houden. Dat betekent dat ieder evenement maatwerk verdient.

Juist in dit maatwerk schuilt de kracht en kwaliteit van het Rotterdamse evenementenvergunningenbeleid en daarmee ook Rotterdam als evenementenstad. Dit betekent niet dat er geen discussie is of dat organisatoren en gemeentelijke diensten het altijd met elkaar eens zijn. In tegendeel, er is regelmatig discussie tussen beide partijen over de doelmatigheid en effectiviteit van verschillende maatregelen. Een discussie die ook goed is.

Belangrijk is dat deze discussie tijdig, zakelijk en met beide benen op de grond gevoerd wordt. Hierdoor kunnen situaties waarin extreme maatregelen nodig zijn, zoals die van de Amerikaanse overheid in Londen, worden voorkomen en zijn er toch zeer veilige evenementen in Rotterdam.

Het Rotterdamse evenementenvergunningenbeleid dient dan ook niet voor niets landelijk als voorbeeld voor organisaties als de Landelijke Inspectie voor Openbare Orde en Veiligheid en het Kenniscentrum Evenementenveiligheid. En was het een belangrijke bouwsteen voor de verkiezing van IFEA World Event City in 2011.

Een mooi voorbeeld van hoe, door met beide benen op de grond te blijven staan, Rotterdam niet alleen zichzelf, maar iedereen een groot plezier doet. Nu en in de toekomst. Een compliment voor iedereen die daar z’n bijdrage aan levert, organisator of (gemeentelijke) dienst is dan ook op z’n plaats.

© Franc Faaij

Festivalstad Rotterdam in internationaal perspectief

Na het zomerfestivalseizoen en de opening van het cultureel seizoen in september volgt elk jaar een periode van planvorming en bezinning. Een tijd van terugblikken met collega’s, ontwikkelingen en trends observeren en die vervolgens naar Rotterdam vertalen. Bijvoorbeeld bij de  jaarlijkse conferentie van de International Festivals and Events Association in Dallas.

Wat dit jaar opvalt is het enthousiasme waarmee opkomende landen als China investeren in de opbouw van hun evenementen. De crisis lijkt zich vooral af te spelen in Europa en de Verenigde Staten en veel minder in andere delen van de wereld. Waar Europa vooral bezig is de kosten te beheersen ligt de nadruk bij veel opkomende landen op expansie, investeringen en inkomsten uit toerisme.

Voetbal in Rusland en Quatar
China profileerde zich met groot succes via de Olympische Spelen (2008) en World Expo in Shanghai (2010). De FIFA wees de komende  wereldkampioenschappen voetbal toe  aan Rusland (2018) en Qatar (2022). Voor deze landen zijn dat verstandige investeringen. Evenementen kunnen hen een nieuw, aangepast imago geven, het nationale zelfvertrouwen versterken en het land helpen een moderne infrastructuur op te bouwen.

Deze trend zal nog wel een tijdje doorzetten. Europa verliest daarbij niet alleen positie omdat sommige landen bereid zijn meer te investeren, we verliezen ook omdat het effect van beeldbepalende mega-evenementen in opkomende landen nu eenmaal het grootst is.

Kansen voor Nederland
Het wordt daarom de komende jaren moeilijk om grote internationale evenementen  in te kopen  tegen een prijs die voor ons is op te brengen en te verantwoorden. Nederland maakt daarom ook niet veel kans op de Olympische Spelen, ondanks het aanstekelijke optimisme op dit punt en de daaraan verbonden neveneffecten. Ook voor andere grote internationale standaardevenementen moeten we opboksen tegen meer landen met vaak ook nog meer geld.

Kansen voor Rotterdam
Dat is zeker jammer, maar is het ook een ramp? Ik denk het niet. De positie van Rotterdam is anders dan van steden in opkomende landen. Het is ook voor Rotterdam een heel goede, en relatief goedkope, investering om zich via evenementen internationaal te promoten. Maar voor ons is het de komende jaren vooral van belang onze eigen specifieke kwaliteiten over het voetlicht te brengen.

Die eigenheid ontbreekt bij veel van die internationale standaardevenementen, terwijl deze juist heel sterk aanwezig is in de topevenementen die we al sinds jaar en dag op de Rotterdamse agenda hebben staan. Wat zou Rotterdam zijn zonder International Film Festival Rotterdam, Zomercarnaval of Wereldhavendagen?  Juist de evenementen die vanuit de stad zelf gegroeid zijn en de stad als het ware weerspiegelen kunnen Rotterdam nog veel meer opleveren.

Rotterdam in 2016
In mijn gedroomde beeld van de situatie over een jaar of vijf, zijn de Wereldhavendagen niet alleen een feest voor de Rotterdammers, maar ook hét jaarlijkse ontmoetingspunt voor het internationale havenbedrijfsleven.  Leeft de International Architecture Biennale Rotterdam net zo sterk in de stad als daarbuiten.

Een inzet waar ik enthousiast van word, is de wijze waarop het Rotterdam Philharmonic Gergiev Festival gekozen heeft om de komende jaren nauw aan de stad verbonden thema’s als uitgangspunt voor de festivalprogrammering te kiezen. Als het festival dat de komende jaren zorgvuldig uitwerkt en de stad hen daarbij steunt, klinken de concerten gedirigeerd door  Valery Gergiev of Yannick Nézet-Séguin hier over een paar jaar anders, relevanter en zeker ook Rotterdamser dan in welke andere concertzaal ter wereld.

Dat levert mooie, zich internationaal onderscheidende evenementen op waar de Rotterdammers van genieten en  de stad als geheel van profiteert.

© Johan Moerman

Dag programmaboekje. Welkom App

Lowlands heeft er een , International Film Festival Rotterdam maar ook stadsschouwburg Oosterpoort en het Joods Historisch Museum hebben er een. Steeds meer bedrijven lanceren een eigen App. Sinds kort is er de landelijke Uit App waarmee je van maar liefst tien steden, waaronder Rotterdam, de uitagenda kunt bekijken. Tijdens de Amsterdamse Uitmarkt kon je met deze Uit App ook het actuele programma en blokkenschema  bekijken. Zo’n 8000 Iphone gebruikers hebben tijdens deze opening van het culturele seizoen de Uit App gedownload. Gaat de App traditionele programmaboekjes met blokkenschema’s verdringen?

Uit App Amsterdam
De Uit App is in augustus 2010 bij wijze van experiment ontwikkeld door het Amsterdams Uitburo samen met ontwikkelaar Q42 en Fabrique. Na afloop van de Uitmarkt 2010 is de Uit App omgebouwd naar een Uit App waar op iedere moment het actuele uitgaansaanbod van Amsterdam te raadplegen is.

Landelijke ontwikkeling
Ook in andere steden waaronder Rotterdam was er behoefte aan een actuele agenda applicatie met het volledige uitgaans aanbod. In een krappe twee maanden is de oorspronkelijke Amsterdamse Uit App deze zomer omgebouwd tot een landelijke Uit App met daarin de uitagenda’s van Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Zwolle, Maastricht, Groningen, Friesland, Arnhem en Leiden.

Uit App bereikt top 10
Dat er behoefte is aan een actuele uitgaansagenda in de vorm van een App blijkt wel uit de cijfers. De gratis Uit App is binnen 13 maanden tijd al ruim 33.000 keer gedownload. Tijdens de laatste Uitmarkt van 2011 is de Uit App zelfs 8000 keer gedownload in drie dagen. Hiermee bereikten we zelfs de top 10 van gratis Apps in de Appstore. Bezoekers gebruikten de applicatie dus echt als actueel blokkenschema tijdens het evenement.  

Steeds meer organisatoren van print naar App
Landelijk maar ook in Rotterdam zien we steeds meer organisaties die grijpen naar een App om actuele festival informatie te communiceren. Vorige week nog in Rotterdam het Hip Hop festival Boomdox . Organisator Dave van der Heijden: “Naast een nieuwe locatie en programmering waren onze marketingtools ook nieuw. Het lag voor ons daarom voor de hand om eigen App te ontwikkelen. Veel acts uit de programmering waren onbekend bij het publiek en door iedere act te belichten met info, audio en video konden de bezoekers vast kennismaken met de artiest in kwestie.

De grotere festivals kunnen ook niet meer om een App heen denk aan Lowlands, North Sea Jazz en Pinkpop. Deze laatste verzuimde het dit jaar om een App te ontwikkelen  waardoor een aantal creatievelingen zelf een onofficiële Pinkpop App op de markt brachten.

Wat kost een App?
Net als vroeger de websitebouwers schieten nu App bedrijven als paddestoelen uit de grond. Hierdoor ontstaan er ook steeds grotere prijsverschillen in het bouwen van een App. Een hele uitgebreide App kan € 20.000 kosten maar er zijn tegenwoordig ook mogelijkheden er één te ontwikkelen voor € 495,-. Dit kan bijvoorbeeld via Mobowski waar je met een simpel CMS een eigen App bouwt. 

Iphone of Android?
De Uit App is in eerste instantie gebouwd voor de Iphone gebruikers omdat de mobiele website statistieken aangaven dat deze gebruikers het vaakst www.rotterdamsuitburo.nl gebruikten. Inmiddels is Android het platform waar de meeste gebruikers op zitten. Bijna vier op de tien Nederlanders met een smartphone heeft een Android telefoon. Niet meer dan logisch dan dat wij ons nu met de rest van het Uitburo netwerk gaan richten op een Android versie van de Uit App. Vanaf januari 2012 is de Uit App ook te downloaden in Android versie. Nieuwsgierig? Download de Uit App hier!

© Eva van der Horst

Ik, Rotterdammers en cultuur

11 september was het zo ver, na een bijna volgemaakte 24 uur stond ik moe maar voldaan op de borrel ter opening van het Rotterdamse culturele seizoen in het prachtig vernieuwde Nai. Vol spanning  wachtend op wat haast op een scriptiebevalling had geleken; de presentatie van de publicatie Wij Rotterdammers en cultuur. Een boekwerk waar mijn collega Eelke en ik onder toeziend oog van onze directeur sinds februari zeer hard aan hadden gewerkt. Een analyse van vijf jaar verzameld publieksonderzoek, maar met visie en zorg geschreven en vormgegeven. We wilden niet zomaar een samenvatting van de feiten geven, we wilden het op aansprekende wijze vertellen en zodanig prikkelend dat de professionele lezer er wat mee zou gaan doen, en tegelijkertijd ervoor zorgend dat ook de scannende lezer een boodschap mee zou krijgen. Een beetje trots waren we wel.

Reacties
De echte proeve kwam natuurlijk pas de week daarna, toen het onder zo’n 1000 man verspreid is, zowel lokaal als landelijk. Variërend van gemeenteraadsleden, tot alle Rotterdamse culturele instellingen tot onderzoeksbureaus en meer. Wat zouden de reacties zijn? Komt de boodschap over? Is het bruikbaar? 
Een sms’je: iemand kan het goed gebruiken bij het schrijven van een nieuw bedrijfsplan voor een theater in Enkhuizen en een ander vindt er goede inspiratie in voor een uit te voeren onderzoek voor een culturele instelling elders in het land.  Het is dus bruikbaar, yes! Alhoewel ook partijen van wie je het wellicht niet verwacht gebruik maken van materiaal uit onze publicatie; Leefbaar Rotterdam vindt er cijfers in om te gebruiken ter ondersteuning van een verhaal voor nieuwe subsidietoetsing. Maar wat mij betreft maakt dat niet uit. Cijfers zijn objectief en dus voor iedereen bruikbaar.

Margot, Jasmina, Herman & de rest
Juist door de objectieve gegevens subjectief te maken, dat wil zeggen door personages te creëren en een stem en een gezicht te geven hebben we geprobeerd een extra dimensie aan de cijfers te geven. Personages opgebouwd uit onderzoeksgegevens. Margot, Jasmina, Herman en de anderen, na zoveel maanden leer je ze goed kennen en ga je zelfs een beetje van ze houden. Ze zijn niet langer meer fictief. Sterker nog, je gaat ze herkennen in de mensen om je heen. In de supermarkt, op het perron, in het theater. Het levert inspiratie op om verder te gaan. Nieuwe producten te bedenken, nieuwe wegen te zoeken om hun als klant aan je te binden. Ik hoop dat dat voor de lezers van de publicatie ook geldt, dat ze hun (potentieel) publiek gaan scannen op Aydins, Manulea’s, Carla’s en dies meer en dat ze met hen in gesprek gaan om zo verder een relatie met hun publiek op te bouwen.

© Cynthia Dekker